16,7 °C
Foto: Geert Huisman

Laatste rak beslissend op De Veenhoop

ma 01 augustus 2016 20.00 uur

DE VEENHOOP - De Veenhoop - Lange tijd, eigenlijk de hele wedstrijd, leek het er op dat Akkrum deze tweede ronde van het SKS-skûtsjesilen zou gaan winnen. De mannen van schipper Pieter Meeter hadden startnummer één geloot vrijdagavond in Grou en omdat de wind schuin van achter kwam, kon de ‘Blue Brigade’ als eerste vanuit het Grytmansrak de Wide Ie opvaren. En er zat meteen een be-hoorlijk gat tussen Akkrum en runner up Heerenveen. Daarachter werd fel gestreden om een plaatsje in de kopgroep, maar met de noordwestenwint schuin van achteren was dat bepaald geen sinecure.

Die wind hield zich overiges kranig, de aanvankelijke kracht 2 haalde gaande de middag aan tot een dikke drie en dat betekende dat er prima gezeild kon worden. Niet het spektakel waarop de vele toeschouwers hadden gehoopt, want toen de onderste boei bij Stobbehoek eenmaal gerond was, bleek dat de Ie bijna helemaal bezeild was. Slechts één kort slagje hoefden de meeste schippers te maken om bij de bovenste ton voor Iesicht te geraken. Dat had alles weg van een potje carousselzeilen, maar eigenlijk viel dat wel mee. En dat had alles te maken met het feit dat de wind behoollijk schiftte tussen noordwest en westnoordwest. Bovendien, maar dat is hier aan de rand van Wâlden nu eenmaal een gegeven, lag de wind bij Ie Sicht anders dan bij Brêgeham en weer anders dan bij Stobbehoek. Velen lieten zich verleiden om na de Stobbehoek-boei zo hoog mogelijk aan te houden, maar dat was een regelrechte ’stroffelstien’, een soort boobytrap, want al doende verzeilden ze dan onder de luwte van de hoge bomen bij Brêgeham. En dan was meteen de vaart er helemaal uit. Anderen waren zo slim om lager aan te houden en zo die vermaledijde stiltegebieden te mijden. En dat betekende dat er voor de liefhebbers van zeiltechniek en -tactiek genoeg te genieten was.

Bovendien had de windrichting tot gevolg dat hele pukken skûtsjes dichtbij elkaar bleven, en dat leverde de nodige wisselingen op. Die waren er niet in de topdrie die steeds meer voorsprong kon nemen. Een aloude zeilwet zegt immers dat de voorsten altijd het geluk meehebben, terwijl de laatsten, het ‘arrière du peloton’ zeg maar, altijd nog een slagje extra moeten maken. Net zo goed als de wielrenners acher in het peloton altijd een paar kilometer harder moeten fietsen dan de koplopers. In die kopgroep van drie, Akkrum, Heerenveen en Sneek, werd ‘fûleinich striden’ om de koppositie, maar Akkrum sloeg eigenlijk alle aanvallen vakkundig en soms met enige meeval af. Dat Sneek met Douwe Visser aan het helmhout zich uiteindelijk opwerkte tot in het toptrio, was een uitstekende prestatie gegeven het feit dat Sneek pas als nummer 14 van start was gegaan. Een fabuleuze inhaalrace dus van Visser en zijn bemanning. Maar toen de laatste route inging was het nog altijd Akkrum dat de dans leidde en eigenlijk wees niets er toen op dat mannen van Pieter Meeter die eerste stek nog uit handen zouden gaan geven. Maar dat laatste aan-de-de-windse rak van Stobbehoek naar Iesicht en daarna door het Grytmansrek naar de startplek, werd Pieter Meeter fataal. Douwe Visser pikte een soort mini-passaat op die hem langs Akkrum en Heerenveen voerde. Op een gegeven moment voer Sneek minstens tien tot vijftien graden hoger aan de wind dan zijn beide concurrenten en dat leverde hen uiteindelijk de koppositie op. En dus was het Sneek dat triomfantelijk het Grytmansrek invoer op weg naar de boei bij de ingang van de Kromme Ie.

Toen kon de Snekers al niets meer gebeuren, zij hoefden maar tot bordje veertien, waar Pieter Meeter helemaal naar bordje één moest. Winst, luid bejubelde winst, was er dus voor Sneek, Akkrum werd tweede en Heerenveen derde. Earnewâld werd elfde, maar Gerhard Pietersma heeft morgen de kans op sportieve genoegdoening, want dan wordt er in Earnewâld gevaren.

FOTONIEUWS


 

Regionaal nieuws

zaterdag 18 september | 3 reacties

Motor uitgebrand op toerit A7